Waarom ze kiest voor onafhankelijkheid
Ze wijst het idee om langzamer te gaan leven of afhankelijk te worden resoluut van de hand. Ze blijft in haar eigen huis wonen en zegt het helder: “Ik weiger in een verzorgingstehuis te belanden.” Haar leven draait om dagelijkse keuzes, niet om wonderdiëten of dure supplementen. Iedere ochtend trekt ze de gordijnen open en loopt ze door het huis als oefening voor balans en om te checken of alles veilig is.
Haar dagelijkse ritueel
De dag begint met een stevig ontbijt: pap of volkoren toast met fruit en thee. Ze gelooft in vaste voeding en let op vezels, eiwitten en voldoende vocht. Beweging is voor haar dagelijkse medicijn. Ze loopt naar de lokale winkel en kiest op betere dagen een langere route, waarbij ze af en toe een leuning gebruikt voor steun. Haar dokter gaf haar de opdracht om vijftig keer per dag zonder handen op te staan; dat is een uitdaging die ze op moeilijke dagen drie keer probeert.
Eten en mentaal actief blijven
Hoewel haar dieet misschien ouderwets overkomt voor jongeren, volgt het de publieke gezondheidsaanbevelingen nauwgezet. Ze maakt van de lunch haar belangrijkste maaltijd, met groenten, eiwitten zoals vis of bonen, en een gematigde portie koolhydraten. Snoepen doet ze alleen bij speciale gelegenheden, meestal voor zelfgemaakte traktaties.
Contact met anderen vindt ze heel belangrijk. Ze belt elke dag minstens één persoon voor een kort praatje en dwingt zichzelf om actief na te denken en te reageren. Verder houdt ze haar geest scherp door te lezen en naar de radio te luisteren, en ze vraagt haar kleinkinderen om uitleg bij nieuwe uitdrukkingen.
Gezondheidszorg en vooruitdenken
Ze neemt actief deel aan medische controles en noteert veranderingen in haar gezondheid. Haar huis is aangepast met handgrepen en goede verlichting om zelfstandig blijven mogelijk te maken, wat essentieel is voor hygiëne en veiligheid. Daarnaast heeft ze met buren afspraken gemaakt als veiligheidsnet, zodat zij haar in de gaten houden.
Onderzoekers en geriatrische specialisten benadrukken dat, naast erfelijkheid en leefomgeving, dagelijkse gewoonten van groot belang zijn. Beweging, gevarieerde maaltijden en sociale contacten spelen hier een grote rol, en deze vrouw belichaamt die principes op een indrukwekkende manier. Haar mantra is: “niet te veel, niet te weinig, veel planten”, en vanaf haar vijftigste verminderde ze haar zoutgebruik op aanraden van een verpleegkundige.
Haar verhaal geeft waardevolle lessen voor iedereen die ouder wordt, net zoals de levensvaardigheden van boomers die nog steeds relevant zijn. Het gaat niet om één heldendaad, maar om de kleine dagelijkse beslissingen die samen leiden tot een vervuld en zelfstandig leven, zelfs op honderdjarige leeftijd. Door op deze gewoonten te letten, kunnen mensen en families samen werken aan een actief en vitaal ouder worden.